Iemand met verlatingsangst en iemand met bindingsangst, gaat dat samen..?

Na een aantal relatiebreuken zitten mensen met verlatingsangst en bindingsangst vaak in een lastige fase. Ze beseffen dat zij zelf de constante factor zijn in deze breuken en zien in dat hun oude houding in de liefde niet werkt. Ze weten dat ze zich wat onafhankelijker danwel kwetsbaarder zouden moeten opstellen naar de ander, maar vinden het nog lastig om zich het nieuwe gedrag eigen te maken. Dit is de enorm frustrerende (maar ook zeer bevredigende) leerfase van bewust onbekwaam naar bewust bekwaam. De fase waar het in persoonlijke ontwikkeling en bewustwording om draait.

Hier heb ik de afgelopen drie jaren op het gebied van relaties in gezeten. Ik had mezelf met behulp van psychotherapie, veel boeken, cursussen en oefenen in de praktijk ontwikkeld tot zelfstandigere vrouw met een groter zelfvertrouwen. Ik droeg uit: “ik vind onafhankelijkheid in de liefde heel belangrijk!” Desondanks bleef ik terugvallen in oud afhankelijk gedrag, waardoor mijn geliefden weer afstand van me namen. Ik sloeg mezelf voor mijn kop dat ik het maar niet onder de knie leek te krijgen. Ik zat op de grens van bewust onbekwaam naar bewust bekwaam: ik wist heel goed wat er anders moest, maar in het moment van een trigger reageerde ik vaak nog op de oude manier.

Wat wel mooi was, was dat ik nu mannen aantrok die kracht, onafhankelijkheid en zelfvertrouwen uitstraalden (de vermijders), maar waar ook duidelijk een vorm van kwetsbaarheid en openheid bij zat. Voor mij een woest aantrekkelijke mix. Ook zij hadden geleerd dat hun vermijdende houding hen niets opleverde en waren bezig zich meer open te stellen en meer in contact met hun gevoelens te komen. Maar ook zij waren (nog) niet wat ze op het eerste oog leken te zijn. Telkens weer verrasten ze me – of beter gezegd: stelden ze me teleur – met hun vermijdende gedrag.

Natuurlijk waren we allebei geen persoon met grote verlatingsangst danwel bindingsangst meer, maar we waren het ook niet niet. Ons masker was nog niet ons echte gezicht. Het gevolg was ook dat de mannen die ik aantrok niet echt verliefd op mij werden en dat ik niet echt verliefd op hen werd. In elk geval niet zoals we dat gewend waren bij eerdere liefdes. Tuurlijk, er was aantrekkingskracht en we hadden het heel fijn samen, maar om nou te zeggen: FUCK YES (zie het blog van Manson)? Nee.

Nu klinkt dit behoorlijk deprimerend, maar schijn bedriegt. Het is juist heel positief.

Dit leek veel meer op ‘echte liefde’. Die razende vlinders in onze buik, oftewel de angst, onzekerheid en het verlangen van de verlatingsangst-bindingsangstdynamiek, voelden we niet meer zo. We waren namelijk beiden inmiddels al veel gezonder in relaties komen te staan.

Ik beloonde hun kwetsbare gedrag door te laten blijken dat ik dat fijn vond, zonder ze voor hun vermijdende houding te veroordelen (daar deed ik mijn best voor in elk geval) en zonder de relatie in zijn geheel in twijfel te trekken. Ze werden daardoor écht steeds opener en meer in staat tot verbinding. In mijn interactie met hen ontwikkelde ik zelf mijn zelfstandige kant, waardoor ik ook steeds aantrekkelijker voor hen werd. (Zij veroordeelden mij overigens nog wel voor mijn terugvallen.. waarover later meer).

Ons masker werd steeds meer ons ware gezicht. We heelden elkaar.

De kunst voor mensen met ‘herstellende verlatingsangst’ is om dan niet gelijk te denken: “ahh, dit is saai” en daardoor zelf in een bindingsangstkramp te schieten. En voor mensen met ‘herstellende bindingsangst’ is het de kunst om nu niet bang te worden voor verlating. Er is nog steeds zoveel te leren en te ontdekken samen. Communiceren gaat niet vanzelf en ook een juiste balans in afstand/nabijheid is niet zomaar gevonden. Hoe houd je de relatie verbonden genoeg, zonder dat het saai wordt? En hoe houd je de relatie spannend genoeg, zonder dat het onveilig voelt?

Ik heb daar wel ideeën over: de bewuste vrije relatie. Naar mijn idee dé oplossing voor koppels met (herstellende) verlatings- en bindingsangst.