Vertrouwen op je ‘innerlijke wijsheid’

Als je stil bent en niet constant in je gedachtenstroom meegaat, dan voel je heel duidelijk wat je moet doen. Het gaat dan namelijk vanzelf. Het is niet bedacht. Opeens is het gewoon zo. Opeens ben je opgestaan en naar het toilet gelopen. Opeens heb je iemand een appje gestuurd dat je hem wilt zien. Opeens heb je iets tegen hem gezegd. Zonder voorbereiding, gewoon: tadaaa, daar was het. Dat is je ‘innerlijke wijsheid’ en daar kun je op vertrouwen. Dit inzicht uit mijn Vipassana (stilte-retraite, zie dit artikel) heeft mij heel erg geholpen.

Ik was altijd aan het nadenken over wat mijn geliefden de laatste keer dat we elkaar zagen hadden gezegd en gedaan en wat ikzelf had gezegd en gedaan. Ik kon daar uren zoet mee zijn. Het leek alsof mijn brein de gebeurtenissen opnieuw de revue liet passeren om ze te verwerken. In mijn Vipassana noemde ik dit soort gedachten ‘processing’.

Daarnaast had ik veel gedachten over wat dit allemaal betekende. Dit volgde na de ‘processing’ gedachten. Ik gaf er een interpretatie aan. Hij zei dit, dat betekent dat. Meestal met de eindconclusie: hij houdt van me (alles is oke, niks aan de hand) of hij houdt niet van me (het is niet oke, ik moet actie ondernemen). Dit soort gedachten noemde ik ‘analysing’.

Ten slotte voerde ik hele gesprekken in mijn hoofd en visualiseerde ik wat ik kon doen en hoe hij dan zou reageren. Diverse scenario’s speelden zich af, steeds een beetje anders. Het leek wel alsof ik aan het oefenen was, me aan het voorbereiden was op de afspraak (of het whatsapp- of telefoongesprek) die zou gaan komen. Dit noemde ik ‘preparing’.

Ik wist tot op zekere hoogte wel dat ik dit deed, maar niet dat het schadelijk is. Ik dacht juist dat het me hielp. Het gaf me vaak inzichten en nieuwe ideeën. Het gaf me rust, dacht ik. Ik probeerde tot een verlossende oplossing te komen met mijn denken. De onzekerheid weg te nemen in feite, de controle te houden. Dit betekent het allemaal en dat ga ik doen.

Maar wie zegt dat het waar is dat het dat betekende? Hoe kon ik dat nou weten, tenzij ik het aan hem zelf zou vragen of gewoon zou kijken hoe alles zich tussen ons zou ontvouwen?

En wie zegt dat wat ik wilde gaan doen een goede strategie zou zijn? Misschien zou het totaal niet passen bij wat er zou gebeuren in dat moment. Misschien zou ik dit doen, misschien zou ik dat doen. Ik hoefde daar helemaal geen plan voor te bedenken. Het zou vanzelf gaan zoals het zou gaan.

Aha!

Je kunt er dus gewoon op vertrouwen dat je in het moment doet wat je moet doen. Dat het vanzelf gaat. Dat de ander dan op jou reageert en jij weer daarop reageert. Dat gaat zo snel, dat valt niet te plannen. En daarbij, meestal vergeet je toch weer minstens de helft van wat je wilde zeggen. Dat geeft alleen maar stress, doordat je het probeert te onthouden.

Dus telkens wanneer ik merk dat ik weer aan het verwerken, analyseren of voorbereiden ben, label ik het als zodanig en verleg ik mijn aandacht naar wat ik aan het doen was. Het is niet nodig, het is goed zo. Heb vertrouwen.

(Ik las trouwens ook nog een mooie post van David Deida hierover.)