Vreemdgaan, open relaties en bewuste vrije relaties

Je hebt een relatie, maar bent zonder hem op een feestje en je staat al een tijdje te dansen met een leuke man. Hij is heel aantrekkelijk en jullie hebben mooie gesprekken gehad. Hij lacht naar je, slaat een arm om je middel en trekt je tegen zich aan. Hij kan goed dansen en jullie hebben plezier. Je voelt je springlevend, de energie raast door je lichaam. Zo heb je je al tijden niet gevoeld. Je wang raakt de zijne en ineens geeft hij je een kus. Vanuit je ooghoek zie je wat vrienden naar jullie kijken. Dit gaat te ver ja.. maar je wilt er zó graag aan toegeven. Shit. Je maakt je los uit zijn armen, danst alleen verder en wendt je blik af. 

Herkenbaar?

Wanneer je je aangetrokken voelt tot een ander dan je geliefde en die aantrekking is duidelijk wederzijds, dan kan het voelen alsof het haast geen optie is om er niets mee te doen. Op z’n minst voelt het zonde. Hoe kan zoiets moois nu verkeerd zijn? Wie heeft ooit bepaald dat er zoiets als ‘vreemdgaan’ bestaat? Waarom hebben we met z’n allen afgesproken dat je, als je van elkaar houdt, een claim op elkaars (seksuele) plezier legt? 

De hoofdreden dat we dit doen is angst. We zijn bang dat we de ander kwijtraken als we dit zouden ‘toestaan’. Het is een razendsterk oergevoel: jaloezie.

Vrijheid is heerlijk, maar jaloezie is vreselijk. Dat weten we allemaal.

Stel nu dat je je niet uit zijn armen had losgemaakt, dat je de kus had beantwoord. En dat het misschien niet daarbij gebleven was. Pas toen je weer alleen was en je hoofd weer helder was, werd je overspoeld door schuldgevoelens. Oh nee, wat heb ik gedaan?! Stel dat mijn geliefde erachter komt of ik het zelf vertel.. Dat kan ik hem niet aandoen! Wat zegt dit over mijn relatie, betekent dit dat ik niet genoeg van hem houd? Raak ik hem nu kwijt? Wat zegt het over mij als mens dat ik dit gedaan heb, ben ik eigenlijk wel oké? Wat zullen mijn vrienden hiervan denken? 

Veel mensen besluiten dan hun mond te houden, te hopen dat het niet uitkomt en de herinnering te verdringen, uit angst hun geliefde te verliezen en hun (zelf)beeld van betrouwbare partner en goed mens niet te beschadigen. Of ze blijven er stiekem mee doorgaan, omdat de drang naar dat goede gevoel simpelweg te sterk voelt. Als het op een gegeven moment toch uitkomt (want de waarheid vindt zijn weg meestal wel), gebeurt precies dat waar ze bang voor waren: hun geliefde is kapot van verdriet, woedend over het bedrog en de schending van vertrouwen en verbreekt de relatie. Alles wat ze samen hadden is in één klap weg. Ze worden door meerdere mensen om hun ‘foute’ gedrag veroordeeld en ze voelen zich een enorme eikel/trut.

Dat is toch eeuwig zonde?

De meeste mensen zullen zeggen: ja, en waarvoor? Een pleziertje? Dan moet je je maar inhouden, verantwoordelijkheid nemen, eens een keer volwassen worden!

Maar stel nu dat je die behoefte aan een intense connectie allebei als menselijk en mooi (en daarom oké) bestempelt en dat je afspraken maakt over non-monogamie. Vrijheid is voor jullie beiden heel belangrijk, dus wordt jullie relatie een open relatie. Jullie mogen je hart en verlangens dan volgen, zónder bang te hoeven zijn voor schuldgevoelens, schaamte of twijfels achteraf. Dan betekent het niet dat jullie niet genoeg van elkaar houden of dat jullie geen goed mens zouden zijn. Dan kleven er plotseling geen nadelen meer aan het verlangen naar een ander. In elk geval niet de gebruikelijke.

Dat klinkt mooi. Maar zo gemakkelijk is het natuurlijk niet, anders zouden er wel veel meer mensen zijn die het zo aanpakken.

Want je kunt bovenstaande misschien wel onderschrijven, maar desondanks veel pijn ervaren als je geliefde met een ander is geweest. Laat staan als het niet om iets eenmaligs gaat. Jaloezie en verlatingsangst zijn hele pijnlijke en complexe emoties, waar de meeste mensen zich geen raad mee weten. “Ik zou graag de vrijheid hebben om te doen wat ik wil, maar ik kan het niet aan als mijn geliefde die vrijheid ook heeft..”, lijkt hét argument om niet aan een open relatie te willen beginnen, en waarom toch zoveel mensen vreemdgaan.

Hoe lastig dit alles kan zijn, ervoer ik een tijdje geleden.

Ik was al een poosje samen met mijn geliefde in een niet-relatie. We hechtten beiden veel waarde aan vrijheid, dus bleven we in de date-fase hangen. Geen afspraken over exclusiviteit of al te veel verwachtingen, maar wel het plezier, de intimiteit en de verbondenheid met elkaar die we zo fijn vonden. Mijn geliefde wilde mij niets verbieden, net zo min als ik hem iets wilde verbieden. Daar waren we allebei heel open-minded over. Maar er gesprekken over voeren wilde hij niet. Don’t ask, don’t tell.

Maar ik wilde er wél over praten. Ik had nog niet lang geleden met iemand anders ervaren hoe mooi dit kon zijn.

Ik wilde meer diepgang. Voor mij was dit niet zomaar wat aanrommelen met elkaar. Ik hield van hem en ik had een visie op relaties, die anders was dan gebruikelijk. Niet het ‘geen relatie of wel een relatie’, waar hij – en de meeste mensen die ik ken – vanuit leek te gaan, maar een bewuste vrije relatie.

Hij werd boos toen ik toch een keer over iemand anders begon. Hij wilde er niets over horen. Nu had ik hem opgezadeld met jaloerse gevoelens en beelden in zijn hoofd, die hij niet wilde hebben! Hij zei ook dat als ik behoefte had aan iemand anders, hij niet zeker wist of hij wel met mij kon zijn.

Met andere woorden: ik mocht doen wat ik wilde, want dat was de afspraak, maar als ik daar echt behoefte aan bleek te hebben, het deed en hem erover vertelde, dan zou hij zomaar weg kunnen zijn. Hij wilde eigenlijk mijn enige zijn of in elk geval zijn hoofd in het zand kunnen steken als dat niet zo was.

Ik sprak hem erop aan dat dit zo niet voor mij werkte. Hij antwoordde: “Tja.. Ik vond die vrijheid in het begin oké omdat we net samen waren en ik nog niet veel te verliezen had. Maar waarom zou ik mezelf nu in zo’n lastige positie brengen, telkens jaloers te moeten zijn en de angst te moeten voelen je te verliezen? Daar heb ik helemaal geen zin in. Daarom zei ik dat ik niet wist of ik zo wel met je kon zijn. Maar goed.. ik weet niet hoe het zal voelen, ik heb dit nog nooit zo gedaan, maar ik wil het wel proberen. Ik zal niet gelijk weg zijn als het pijn doet, beloofd, dan praten we erover.” Onze nieuwe afspraak werd: we praten erover, maar alleen als de ander je ernaar vraagt. Zo zou ik hem niet overrompelen met lastig nieuws.

Een tijdje later bewees hij me dat hij inderdaad bereid was mijn eventuele escapades aan te horen, door me te vragen of ik nog contact had gehad met andere mannen. Dat was niet zo, maar ik was blij dat hij het aangedurfd had me ernaar te vragen. Dat gaf me vertrouwen.

En toch was ik niet helemaal tevreden.

Onze (nog altijd) niet-relatie leek nu zo belangrijk voor hem dat hij mij ook mijn vrijheid gunde zonder daar struisvogel over te spelen, maar zijn motivatie voor het aangaan van deze vorm van openheid leek de angst mij anders te verliezen. Hij deed het puur en alleen voor mij. Hij wilde liever gewoon af en toe vreemdgaan op een feestje of op reis en daar dan niets over zeggen.

Dat voelde niet oké. Het leek me een recept voor wrok en ellende. Hierdoor durfde ik niet naar onze afspraak te handelen, omdat ik er dan niet eerlijk over zou kunnen zijn zonder groot risico te lopen. En ik vertrouwde er eigenlijk ook niet volledig op dat hij mij alles eerlijk zou vertellen, als er iets speelde.

Ik wilde dit alleen als we een gezamenlijke visie hadden, als we dezelfde waarden deelden: vrijheid, openheid en groei. Als we beiden wilden groeien als mens, maar ook samen, omdat we het er veelvuldig over zouden hebben als het zich voordeed en we elkaar dan zouden helpen ermee te dealen. Zodat onze liefde en verbinding er sterker door zouden worden.

Ik denk namelijk dat het enorm belangrijk is om allebei een groei-mindset te hebben als je op een relatief emotioneel veilige manier met non-monogamie wilt experimenteren. Heftige emoties zullen dan geen reden zijn om de relatie te verbreken, maar zullen juist worden verwelkomd, omdat ze – als je er op de juiste manier mee omgaat – kunnen zorgen voor heling, meer zelfvertrouwen en een grotere intimiteit en verbondenheid met je geliefde.

Ik wilde dus geen open relatie, maar een bewuste vrije relatie, waarin communicatie en persoonlijke ontwikkeling een hoofdrol spelen. Non-monogamie is daarin zeker geen vereiste, maar het gesprek daarover voeren wel.

(.. Hij bleek uiteindelijk niet genoeg gevoelens voor me te hebben voor zo’n relatievorm, maar dat wist ik pas later.)

 

Psst: Esther Perel, relatietherapeute, heeft hier trouwens een heel mooie Ted-talk aan gewijd, gauw kijken dus!

 

Esther Perel:

“Mensen gaan om ontelbaar veel redenen vreemd”, zegt Perel. Maar één thema treedt herhaaldelijk op: verhoudingen als een vorm van zelfontdekking, een zoektocht naar een nieuwe of verloren identiteit. „Wat ik het meeste hoor van degenen die vreemd zijn gegaan, is dit: ze krijgen er het gevoel van dat ze léven, en dat het ‘zelfverraad zou zijn om die gevoelens te ontkennen’.”

De overspelige vrouwen en mannen in haar spreekkamer gebruiken daar woorden voor als ‘groei’, ‘onderzoek’ en ‘transformatie’. „De ontsnapping uit de *echtelijke verdoving brengt een erotische siddering mee waardoor we voelen dat we leven. We zijn niet zozeer op zoek naar een andere geliefde als wel naar een andere versie van onszelf. En het is dikwijls niet onze partner die we willen verlaten, maar *wie we geworden zijn.”

*daarom is het ook zo belangrijk deze ‘echtelijke verdoving’ en ‘wie we geworden zijn’ in die echtelijke verdoving te proberen te voorkomen.